Praktijk in beeld: Bazalt Groep
Bazalt Groep is een van de grootste onderwijsexpertisecentra in Nederland. Dyslexiezorg is één van de activiteiten van deze organisatie. Vanuit vestigingen in Den Haag en Goes zetten circa 120 medewerkers zich in voor scholen, schoolbesturen en kinderopvangorganisaties. Bazalt Groep traint, ondersteunt en adviseert deze organisaties op verschillende domeinen en heeft daarnaast een eigen educatieve uitgeverij. In deze rubriek maken we nader kennis.
Op dit moment werken er zo’n dertig medewerkers in de dyslexiezorg van Bazalt Groep. Veel van deze orthopedagogen en psychologen voeren naast de werkzaamheden op het gebied van dyslexie ook andere werkzaamheden uit voor de scholen. Die bredere kennis en ervaring zetten ze ook dagelijks in bij de dyslexiezorg. Coördinerend adviseur Lieske Nuyens legt uit: ‘Vrijwel alle collega’s die in de dyslexiezorg werken, zijn ook op andere vlakken actief op scholen. Die brede inzetbaarheid van medewerkers is kenmerkend voor onze organisatie. Naast mijn coördinerende werkzaamheden geef ik zelf ook nog steeds dyslexiebehandelingen en doe ik diagnostiek.’ Marjolein Pieterse illustreert de breedte van de functie die zij heeft: ‘Naast mijn rol als regiebehandelaar [red: in NKD-termen postmaster] geef ik dyslexiebehandelingen en werk ik als onderwijsadviseur, waarbij ik onder andere diagnostiek doe en meedenk met ouders en scholen in multidisciplinaire overleggen.’
Focus op preventie
Bazalt Groep spant zich in om ernstige lees- en spellingproblemen te helpen voorkomen. Kort door de bocht: hoe minder kinderen zijn aangewezen op de gespecialiseerde dyslexiezorg, hoe beter. Lieske: ‘Wat ons betreft profiteren zo veel mogelijk kinderen van ijzersterk lees- en spellingonderwijs en stromen zij als goede en gemotiveerde lezers door naar het voortgezet onderwijs. Omdat wij vanuit verschillende invalshoeken bij scholen betrokken zijn, hebben we ingangen om hierover mee te denken en te adviseren. In het kader van preventie verzorgen we bijvoorbeeld professionalisering voor schoolteams over het vormgeven van de verschillende ondersteuningsniveaus. Dan gaat het over vragen als: hoe geef je goed lees- en spellingonderwijs vorm, welke methodes zijn geschikt voor ondersteuningsniveau 3 en hoe zet je deze effectief in?’
Blijvende aandacht voor technisch lezen
Een van de zaken waar nadruk op wordt gelegd, is de aandacht voor technisch lezen. Ook in de hogere groepen. Lieske: ‘Er zijn inmiddels verschillende methodes die de stof integraler aanbieden; begrijpend lezen wordt dan bijvoorbeeld verweven met technisch lezen. In de nieuwe kerndoelen zien we die integratie ook terug. Het is heel belangrijk om ook voldoende aandacht te blijven besteden aan technisch lezen, ook in de hogere groepen. Op dat punt is er nog winst te behalen.’
Maatwerk
Maatwerk is kenmerkend voor de dyslexietrajecten van Bazalt Groep. Marjolein: ‘De orthopedagogen en psychologen die behandelingen geven, zijn goed toegerust om te bepalen wat het kind nodig heeft. Niet alleen op het gebied van lezen en spellen, maar ook op het gebied van psycho-educatie. Ook als er bijvoorbeeld sprake is van meertaligheid, een motivatieprobleem, ASS of ADHD weten ze hoe ze zo goed mogelijk kunnen afstemmen op het kind.’ Lieske beaamt dit volmondig: ‘Er werken hier kundige en gepassioneerde mensen, die goed nadenken over hoe zij elk kind zo goed mogelijk kunnen helpen.’
Monitoren van kwaliteit
Bazalt Groep monitort structureel de kwaliteit van de behandeling en de behandelaars. Zo leggen de regiebehandelaars praktijkbezoeken af bij de behandelaars. Marjolein: ‘In principe gebeurt dat één keer per jaar. Bij startende behandelaars soms wat vaker, net als bij behandelaars die zelf aangeven daar behoefte aan te hebben. We hebben ook regelmatig intervisieavonden voor de behandelaars. De vier regiebehandelaars houden ook intervisie. We bespreken onder meer moeilijker cases en als er een onderzoek heeft plaatsgevonden waarbij we twijfelen of er sprake is van dyslexie, bespreken we dat ook. Samen komen we dan tot een gedragen besluit.’

Intervisiebijeenkomst van de Bazalt Groep
Driehoek ouders – school – zorg
Onlangs bezocht Lieske een congres van SDN (Stichting Dyslexie Nederland), waar ze onder andere een lezing bijwoonde van Evelien Krikhaar, programmamanager bij Dyslexie Centraal. ‘Zij vertelde dat veel organisaties focussen op één van de pijlers van de driehoek ouders – school – zorg. Wij werken vanuit de hele driehoek en doen bijvoorbeeld alle tussenevaluaties altijd met school en ouders samen.’ Marjolein vult aan: ‘De regiebehandelaar heeft na aanmelding van een kind voor diagnostiek altijd telefonisch contact met de ouders en voert ook het intakegesprek. Als er vanuit het dossier bepaalde vragen naar voren komen, zoeken we daarover ook contact met de school. Zo zorgen we dat we van alle betrokkenen de benodigde informatie krijgen.’
Expliciet over huiswerk
Al bij het eerste contact met ouders bij de intake voor het onderzoek, komt het onderwerp huiswerk expliciet aan de orde. Marjolein: ‘Als een kind in aanmerking komt voor een behandeltraject, verwachten wij van ouders dat ze ervoor zorgen dat er minimaal vijf keer per week thuis wordt geoefend. Het is belangrijk dat ouders hun kind motiveren om thuis te oefenen en daarbij helpen.’
Lieske: ‘Tijdens het intakegesprek van de behandeling nemen we de behandelovereenkomst door, waar dit ook expliciet in staat. Gedurende het behandeltraject houden we goed bij of het huiswerk daadwerkelijk wordt gemaakt. Gebeurt dat onvoldoende, dan hebben we daarover contact met de ouders. Als uiteindelijk blijkt dat het huiswerk onvoldoende wordt gedaan, kan dat reden zijn om de behandeling te stoppen. Want alleen één keer per week oefenen met de behandelaar, maakt onvoldoende verschil.’
Uitdagingen
Wat vinden Lieske en Marjolein op dit moment de grootste uitdagingen in de dyslexiezorg? Lieske noemt om te beginnen de financiën: ‘Wij hebben te maken met een gemeente die een budgetplafond heeft ingesteld. Dat doet een nog groter beroep op onze verantwoordelijkheid om scholen heel goed te ondersteunen in het voortraject en in de preventie, zodat de zorg toegankelijk blijft voor de kinderen die dit het hardst nodig hebben.’
Marjolein ziet ook uitdagingen in de follow-up van de dyslexiebehandeling. ‘Het is een belangrijk vraagstuk hoe we ouders en scholen kunnen motiveren om het oefenen voort te zetten na afronding van de dyslexiebehandeling. Want dat blijft nodig! We spelen met de gedachte om hier misschien een gericht aanbod voor te ontwikkelen richting scholen.’
